Hoe doof je een kaars?

Bijna iedereen doet het automatisch: even blazen en de kaars is uit. Toch blijkt dat niet altijd de beste methode te zijn. De manier waarop een kaars wordt gedoofd, heeft namelijk meer invloed op geur, rook en levensduur dan veel mensen denken.

Methoden om een kaars te doven

De manier waarop je een kaars dooft, bepaalt niet alleen hoe snel hij uitgaat, maar ook hoeveel rook ontstaat en hoe schoon de geur blijft. Sommige methodes laten de lont mooier achter dan andere, wat invloed heeft op de volgende keer dat je de kaars aansteekt.

Uitblazen van de kaars

De bekendste techniek is het uitblazen van de vlam. Het is snel, makkelijk en je hebt er niets extra’s voor nodig.

Toch heeft deze methode nadelen. Vaak ontstaat er een wolkje zwarte rook en blijft die typische verbrande geur nog even hangen in huis. Daarnaast kan de lont blijven smeulen, wat invloed heeft op hoe de kaars later brandt.

Kaarsendover: rookvrije methode

Een kaarsendover werkt door de zuurstof rond de vlam weg te nemen. Hierdoor gaat de kaars rustig uit, met veel minder rook dan bij uitblazen.

Ook blijft de lont vaak netter, waardoor de kaars de volgende keer gelijkmatiger brandt.

Lontendipper: favoriet bij liefhebbers

Bij een lontendipper wordt de lont kort in de gesmolten was geduwd en daarna weer rechtgezet. De vlam dooft vrijwel direct en meestal zonder rook.

Tegelijk krijgt de lont een dun laagje was mee, wat ervoor zorgt dat hij bij de volgende keer mooier en gelijkmatiger brandt. Daarom is dit een favoriete methode onder kaarsliefhebbers.

Doven met een deksel

Een andere methode is het gebruik van een deksel. Door het deksel losjes op de pot te leggen, verdwijnt de zuurstof en dooft de vlam vanzelf.

Toch heeft deze methode ook nadelen. Rook kan in de pot opgesloten blijven, waardoor de geur van de kaars na verloop van tijd verandert. Sommige kaarsen krijgen zelfs een licht verbrande geur. Daarnaast kan een strak deksel vacuüm trekken en moeilijk loskomen.

Alternatieve methodes

Naast de bekende technieken bestaan er ook creatieve oplossingen. Sommige mensen kantelen de kaars licht zodat de gesmolten was de lont dooft. Anderen gebruiken een lepeltje of lontschaar.

Deze methodes kunnen werken, maar vragen wel extra voorzichtigheid om hete was te vermijden.

Welke methode is het beste?

Wie vooral een schone geur, weinig rook en een mooie lont belangrijk vindt, komt meestal uit bij een lontendipper of kaarsendover. Daarmee blijft een kaars vaak langer mooi en blijft de geur het meest zuiver.